• Home
  • >
  • Actueel
  • >
  • Winter op de weg (veelgestelde vragen)

Veelgestelde vragen over winter op de weg

Hieronder staan de meest gestelde vragen over de gevolgen van het winterweer voor de weggebruikers. Saat uw vraag er niet bij? Neem dan contact met ons op.

  • Wat is ijzel?

    IJzel is winterse neerslag die bevriest zodra het op het koude wegdek komt. Dit vormt dan een dunne ijslaag op de weg. Het zorgt ervoor dat het strooizout niet wordt vermengd waardoor (ondanks dat er gestrooid is) lokaal toch gladheid kan ontstaan.

    Rijkswaterstaat blijft bij ijzel zout strooien, maar de dooiwerking is dan niet optimaal (de ijzel dooit langzaam, omdat er geen vermenging met het strooizout kan plaatsvinden). IJzel is voor iedere wegbeheerder de meest lastige vorm om te bestrijden. IJzel kan namelijk ook niet met sneeuwschuivers worden bestreden, daarvoor is het ijslaagje te dun. Een sneeuwschuiver kan pas bij minimaal 2 cm. sneeuw worden ingezet.

    naar boven
  • Wat is gladheid door mist?

    Soms is er sprake van lokale (onzichtbare) gladheid op de snelweg. Oorzaak is dan vaak aanvriezende mist op het wegdek. Dit type gladheid moeilijk te bestrijden, omdat het strooizout niet goed mengt met het ijslaagje dat is ontstaan. Deze vorm van gladheid is gevaarlijk omdat hij niet zichtbaar is voor de weggebruiker. Vandaar dat Rijkswaterstaat de weggebruiker maximaal informeert over de situatie op de weg via de actuele verkeersinformatie op radio en internet.

    Rijkswaterstaat strooit in dit soort situaties vooraf (preventief) en tijdens de gladheid (curatief). De weginspecteurs en verkeerscentrales van Rijkswaterstaat monitoren 24 uur per dag de situatie op de weg. In geval van gladheid kan er voor de veiligheid een lagere maximumsnelheid worden ingesteld en worden indien nodig rijstroken of de gehele rijbaan afgesloten. Rijkswaterstaat doet er alles aan om tijdens de winter de wegen begaanbaar te houden door bijvoorbeeld preventief te strooien. Dat kan niet voorkomen dat er wel hinder is op de weg. Rijkswaterstaat informeert de weggebruiker over die hinder.

    naar boven
  • Wat kun je als weggebruiker doen? Wat adviseert Rijkswaterstaat?

    Pas je rijstijl aan de omstandigheden aan: voorzichtig rijden, niet onnodig van rijstrook wisselen en voldoende afstand houden. En mocht u een zoutstrooier tegenkomen: blijf op ruime afstand rijden en haal niet in.

    Rijkswaterstaat informeert de weggebruikers via borden boven de weg en via het gratis Landelijke Informatienummer 0800-8002.

    Daarnaast adviseert Rijkswaterstaat iedereen zich te informeren over de actuele weer- en verkeerssituatie en het reisgedrag daarop aan te passen. Dit kan via van A naar BeterExterne Link, de website van het KNMI en de actuele verkeersinformatie.

    naar boven
  • Waarschuwt Rijkswaterstaat via de informatiepanelen boven de weg voor gladheid?

    Rijkswaterstaat kan de informatiepanelen boven de weg gebruiken om te waarschuwen voor gladheid. Rijkswaterstaat zet echter vooral in op het informeren over weerinformatie via radio en internet, dit is een landelijk dekkend informatiesysteem. De informatieborden staan namelijk niet overal in Nederland. Daarnaast heeft Rijkswaterstaat deze borden in dit soort situaties vooral ook nodig voor het informeren over wegafsluitingen en omleidingen. Maar in bijzondere gevallen kunnen dergelijke waarschuwingen op de informatieborden worden geplaatst.

    naar boven
  • Van wanneer tot wanneer strooit Rijkswaterstaat zout?

    Het gladheidseizoen voor Rijkswaterstaat loopt van 1 november tot 1 mei. Maar mocht het voor 1 november en/of na 1 mei glad worden, dan wordt natuurlijk ook gestrooid. Dit seizoen is voor het eerst gestrooid in de ochtend van 21 oktober.

    naar boven
  • Wat voor methode gebruikt Rijkswaterstaat bij het strooien?

    Rijkswaterstaat strooit preventief met nat zout: voordat we verwachten dat het glad gaat worden, wordt er gestrooid. Het beleid is erop gericht om het ontstaan van gladheid bij winterse omstandigheden zo veel mogelijk te voorkomen.

    Soms strooien we na een preventieve actie ook nog curatief, dus als het al glad is. Bij veel sneeuw of ijzel is alleen een strooiactie vooraf (preventief) niet voldoende. Afhankelijk van de situatie moet er vaker gestrooid worden, of bij hevige sneeuwval in korte tijd met sneeuwschuivers gewerkt worden. Het overgrote deel van de strooiacties is echter preventief.

    naar boven
  • Waarom wordt er 'nat' gestrooid?

    Omdat we preventief (dus vóór de gladheid) strooien. Door het zout, vlak voordat het op de weg wordt gestrooid, nat te maken met een zoutoplossing blijft het zout beter op de weg liggen. Hierdoor verwaait het ook veel minder, kan nauwkeuriger worden gestrooid, en is de maximale strooisnelheid veel hoger (70 km/u i.p.v. 40 km/u bij droog zout). Door nat te strooien besparen we op kosten en wordt het milieu minder belast.

    naar boven
  • Hoe hard rijden de strooiwagens, ze rijden vaak heel langzaam?

    Er wordt preventief (“nat-zout”) bij een snelheid tot 70 km/u. Dat lijkt langzaam, maar is erg snel. Dit is de maximale snelheid waarbij het zout nog goed over de weg kan worden verspreid. Het strooien van droog zout geschiedt bij een maximale snelheid van 40 km/u. Bij hogere snelheden zou er teveel zout verdwijnen door verwaaiing.

    naar boven
  • Waarom zie je nooit strooiwagens in de spits?

    Dit heeft drie redenen. Rijkswaterstaat strooit preventief: voordat het glad kan worden moet het zout al op de weg liggen De spits is meestal niet de kritische tijd voor gladheid (de laagste temperaturen zijn meestal in de nacht). In de spits staan vaak files zodat de strooiwagens zelf ook vast komen te staan.

    naar boven
  • Hoe kunnen wegbeheerders deelnemen aan het zoutloket?

    Alle wegbeheerders kunnen op basis van vrijwilligheid deelnemen aan het zoutloket. Wegbeheerders hebben zich tot 15 november kunnen aanmelden bij Rijkswaterstaat in hun regio. De wegbeheerder blijft ook bij deelname aan het zoutloket zelf verantwoordelijk voor de gladheidbestrijding op de wegen die hij in beheer heeft. Dus ook de inkoop van strooizout.

    naar boven
  • Hoe werkt het zoutloket?

    Het zoutloket beheert het zout, verzamelt actuele gegevens over de strooizoutvoorraden van de verschillende wegbeheerders, coördineert ingediende hulpvragen en neemt beslissingen hierover op basis van gezamenlijk gemaakte afspraken. Het zout blijft in depot bij de desbetreffende wegbeheerder en wordt door het zoutloket indien nodig op afstand herverdeeld.

    naar boven
  • Ik heb strooizout in de aanbieding. Waar kan ik mijn gegevens naartoe sturen?

    Als het aangeboden strooizout voldoet aan de door Rijkswaterstaat gestelde minimumeisen ontvangen wij van u graag een document met deze gegevens plus contactgegevens via de e-mail. Deze minimumeisen vindt u rechts op deze pagina.

    naar boven
  • Is dit gewoon zout?

    Gewoon keukenzout (NaCl) maar wel minder zuiver. Soms zie je ook ‘roze’ zout. In het verleden werd zout soms gekleurd om het te onderscheiden van consumptie zout. Een meerderheid van de wegbeheerders vindt de kleur prettig omdat daardoor beter zichtbaar is dat er gestrooid is.

    Aan wegenzout is een anti-klontermiddel toegevoegd. Zout is hygroscopisch (trekt vocht aan) waardoor het gaat klonteren. Als het dan lang in de zoutloods ligt is het zonder anti-klontermiddel niet meer te verwerken. Een anti-klontermiddel is niet schadelijk voor het milieu.

    naar boven
  • Is het zoutloket een fysiek loket van waaruit het zout wordt uitgegeven?

    Nee. Het zout blijft in depot bij de desbetreffende wegbeheerder en wordt door het zoutloket indien nodig op afstand herverdeeld.

    naar boven
  • Waarom wordt er geen gebruik gemaakt van het zoute zeewater?

    De zoutconcentratie in het zeewater is te laag, waardoor het alsnog bevriest als het in aanraking komt met de weg. Bovendien is het huidige materieel daar niet geschikt voor. Rijkswaterstaat heeft geen sproeiwagens, maar alleen strooiwagens voor droog zout aangelengd met zout water.

    naar boven
  • Wanneer worden zoutloketten ingesteld?

    Op het moment dat er een (landelijk) tekort aan strooizout ontstaat, kan de minister van Infrastructuur en Milieu besluiten voor het inwerking stellen van zoutloketten. Dat doet zij in overleg met het Interprovinciaal Overleg, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Unie van Waterschappen.

    Het zoutloket wordt ingesteld wanneer:
    - de strooizoutvoorraden bij een groot deel van de wegbeheerders op dreigen te raken
    - er door de markt geen of heel beperkt strooizout geleverd kan worden
    - er aanhoudende kans op gladheid is door aanhoudend winterweer

    naar boven
  • Wat is een zoutloket?

    Via de zoutloketten kan strooizout worden herverdeeld om de belangrijkste wegen in Nederland begaanbaar te houden. Over het instellen van zoutloketten zijn afspraken gemaakt met het Interprovinciaal Overleg, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Unie van Waterschappen. Als er op het gebied van strooizout een landelijke schaarste ontstaat, kunnen zoutloketten ingesteld worden. Er zijn negen regionale zoutloketten en één nationaal zoutloket.

    Onder de belangrijkste wegen wordt verstaan:
    - hoofdwegennet
    - belangrijkste provinciale wegen
    - belangrijkste gemeentelijke wegen
    - belangrijkste ov-routes
    - calamiteitenroutes


     

    naar boven
  • Zijn er alternatieven voor het strooien met zout?

    Er is een aantal alternatieven, maar die zijn duurder, en niet per definitie minder milieubelastend. Andere materialen zijn sterk vervuilend èn duur.
    Concreet gaat het om:

    • CaCl2 (een type zout): CaCl2 heeft echter als nadeel dat het vriespuntverlagendeffect kleiner is dan bij strooizout. Kaliumchloride: dit is een meststof, beperkt voorradig (2000 ton maar op dit moment!) milieubelastend en onduidelijk is nog of het technisch toepasbaar is in de huidige strooiwagens.
    • Zand/grint: Dit heeft geen voorkeur. 90 % van de Nederlandse snelwegen is voorzien van zoab. Voor dit type wegdek is zand af te raden als strooimiddel omdat dit in de holtes van het zoab gaat zitten, waardoor de eigenschappen (geluidreductie en drainage) verloren gaan.
    • Sproeien met pekel: bij sproeien gaat het om een vloeibaar zoutmengsel. Rijkswaterstaat strooit ‘nat’ met een mengsel van droog zout waar zout water aan toegevoegd is. Voordelen hiervan boven sproeien met vloeibare oplossing zijn o.a. de prijs (de vloeibare oplossing is duurder) en de ruimte die opslag van tanks van zoutwateroplossing in beslag nemen. Die nemen meer ruimte in dan de huidige zoutopslag in loodsen.
    naar boven
  • Hoe ontstaat vorstschade?

    Door de lage temperaturen wordt het bindmiddel in het asfalt brosser en ontstaan er scheurtjes. Bij vorst bevriest het water in deze scheurtjes en zet het uit. Daardoor raken meer steentjes los uit het wegdek dan anders. Deze losse steentjes kunnen schade veroorzaken aan voertuigen. Vorstschade doet zich niet alleen voor als losse steentjes. Soms leidt het ook tot gaten of openstaande naden in de weg. Vorstschade treedt vooral op in oudere wegdekken en de kans op schade neemt toe bij veel wisselingen tussen vriezen en dooien.

    naar boven
  • Welke maatregelen neemt Rijkswaterstaat zodra vorstschade is geconstateerd?

    Rijkswaterstaat houdt tijdens deze vorstperiode de kwaliteit van het wegdek scherp in het oog. Dit gebeurt onder andere door de weginspecteurs die dagelijks over de snelweg rijden.

    Bij het signaleren van vorstschade worden direct maatregelen genomen om de veiligheid van de weggebruiker te waarborgen en hinder te beperken. Denk hierbij aan het plaatsen van waarschuwingsborden en snelheidsbeperkingen. Zodra de verkeerssituatie het toelaat, wordt het wegdek gerepareerd.

    naar boven
  • Hoe gaat het repareren van vorstschade in zijn werk?

    Vorstschade aan het wegdek wordt in fases gerepareerd. Maatregelen die worden toegepast bij vorstschade zijn het frezen (verwijderen) van de slechte asfaltlaag en/of het vullen van de ontstane gaten met tijdelijk reparatieasfalt. Waar mogelijk worden deze werkzaamheden ’s nachts uitgevoerd.

    Via de media, de gratis Landelijke Informatielijn 0800-8002, deze website, vanAnaarBeter.nl en borden langs en boven de weg houdt Rijkswaterstaat weggebruikers op de hoogte over de hinder die ontstaat door reparaties.

    naar boven
  • Wat kun je als weggebruiker zelf doen bij vorstschade?

    Voordat je de weg opgaat: informeer jezelf goed zodat je weet wat de situatie op de weg is. Kijk op vanAnaarBeter.nl, raadpleeg de actuele verkeersinformatie of bel het gratis Landelijk Informatienummer van Rijkswaterstaat: 0800-8002.

    Ben je eenmaal op weg, houd je dan aan eventuele maatregelen zoals snelheidsbeperkingen of waarschuwingen.

    naar boven
  • Het dooit en toch is er vorstschade, hoe kan dit?

    Juist nu de temperaturen zo nu en dan boven nul zijn, ontstaan er meer schadegevallen. De plekken waar de schades klein zijn, worden groter door het verkeer dat eroverheen rijdt. Daarnaast houdt ijs bij vorst de slechte plekken bij elkaar. Door periodes van dooi komt het materiaal los en wordt de schade zichtbaar.

    naar boven
  • Is Rijkswaterstaat aansprakelijk bij schade aan de auto door vorstschade?

    Rijkswaterstaat kan als wegbeheerder worden aangesproken voor schade ontstaan door een gebrek aan de weg. Van Rijkswaterstaat als wegbeheerder mag in alle redelijkheid worden verwacht dat er maatregelen worden getroffen om schade te voorkomen. Denk hierbij aan het plaatsen van waarschuwingsborden en snelheidsbeperkingen.

    Wanneer een weggebruiker een schadeclaim indient, moet eerst vast komen te staan dat er op die gegeven plaats en dat tijdstip een gebrek aan de weg was of dat de weg niet in een goede staat verkeerde.

    De weggebruiker heeft ook een verantwoordelijkheid. Als blijkt dat de weggebruiker iets te verwijten valt, zoals te hard rijden of het negeren van waarschuwingsborden, dan kan dat leiden tot vermindering van de schadevergoeding.

    Oftewel: aansprakelijkheid is maatwerk waarbij sprake is van een wisselwerking tussen de wegbeheerder (Rijkswaterstaat) en de weggebruiker.

    naar boven
  • Wat te doen bij schade veroorzaakt door vorstschade?

    Rijkswaterstaat begrijpt dat de hinder door vorstschade vervelend is voor de weggebruiker en probeert deze dan ook tot een minimum te beperken. Weggebruikers kunnen bij eventuele schade contact opnemen met de gratis Landelijke Informatielijn 0800-8002 of een schadeformulier invullen.

    naar boven
  • Wat doet Rijkswaterstaat om vorstschade te voorkomen?

    Rijkswaterstaat is een aantal proeven gestart. Rijkswaterstaat test twee verjongingsproducten en diverse aanbrengtechnieken. Het verjongingsmiddel wordt op het asfalt gespoten/gesproeid om het bindmiddel waarmee de losse steentjes aan elkaar zitten soepeler te maken en eventuele (beginnende) scheurtjes in het bindmiddel te repareren. Doel is uiteindelijk om de levensduur van asfalt met enkele jaren te verlengen en vorstbestendiger te maken.

    naar boven