Selectie- en gunningscriteria
Rijkswaterstaat streeft naar eenvoudige en eenduidige geschiktheidseisen, waarbij de lat niet hoger gelegd wordt dan voor een goede uitvoering van de opdracht nodig is. Aan combinaties worden dezelfde eisen gesteld als aan enkelvoudige inschrijvers. De afzonderlijke combinanten krijgen geen extra eisen. Bij een eventuele niet-openbare selectieprocedure gebruikt Rijkswaterstaat de methode van ranken of een combinatie van ranken en loten.
Financieel-economische eisen
Wat betreft financiële en economische draagkracht worden inschrijvers geacht te voldoen aan een omzeteis. Daarnaast moeten zij een verklaring overleggen, waarin staat dat:
- De jaarrekening geen paragraaf bevat waaruit blijkt dat de continuïteit van de onderneming in het geding is.
- Ten aanzien van de jaarrekening er geen afkeurende accountantsverklaring is afgegeven.
Ervaringseisen
Omdat de realiteit is dat veel grond-, weg- en waterbouw-projecten met behulp van onderaannemers worden uitgevoerd, stelt Rijkswaterstaat bij de ervaringseisen voor deze projecten een projectmanagementeis. Deze eis houdt in dat de opdrachtnemer voldoende ervaring heeft met projectmanagement in de bouwsector afhankelijk van de complexiteit van het werk.
Rijkswaterstaat streeft ernaar niet meer dan twee technische ervaringseisen te stellen en er voor te zorgen dat de eisen proportioneel zijn. Dat betekent dat er gelet wordt op de aard en de omvang van de opdracht. Het werk hoeft niet te zijn opgeleverd, maar wel aantoonbaar zijn uitgevoerd.
Gunningscriterium
Uitgangspunt is dat Rijkswaterstaat als gunningscriterium de 'economisch meest voordelige inschrijving' (EMVI) gebruikt, waarbij de criteria met het oog op een optimale prijs/kwaliteit-verhouding een substantieel gewicht hebben. De EMVI-criteria en weging daarvan worden projectspecifiek vastgesteld.
