Home | Print | E-mail | Wegwijzer
Bouwgrondstoffen
Home Over het EBC Projecten Diensten & producten Publicaties Feiten & cijfers Contact Externe links
 

Voorwoord

Bouwgrondstoffen zijn onbewerkte ruwe materialen zoals zand, grind, klei en kalksteen die nodig zijn om producten zoals beton, bakstenen, asfalt en dakpannen te vervaardigen. Voor het bouwen van huizen en kantoren, het realiseren van wegen, dijken en spoorwegen, inclusief bruggen, viaducten en tunnels gebruiken we in Nederland ongeveer 160 miljoen ton bouwgrondstoffen per jaar. Dit komt neer op zo'n 10.000 kg per inwoner.

Het grootste deel van de benodigde bouwgrondstoffen komt uit het ondiepe deel van de Nederlandse bodem en uit de bodem van het Nederlandse deel van de Noordzee en worden oppervlaktedelfstoffen genoemd. Zand, grind en klei werden in de loop van vele tienduizenden jaren als sediment naar Nederland aangevoerd en afgezet door Rijn, Maas en Schelde, een proces dat ook vandaag de dag nog plaatsvindt.

De winning van oppervlaktedelfstoffen staat onder toenemende maatschappelijke druk. Dat komt omdat deze delfstoffen niet overal in gelijke mate voorkomen, omdat het winnen ongewenst kan zijn gezien andere functies van een gebied of omdat er geschikte alternatieven zijn om deze grondstoffen te vervangen. Het blijkt dat de behoefte aan bouwgrondstoffen steeds minder wordt gedekt uit de winning van grondstoffen uit Nederlandse bodem. Hergebruik van afvalstoffen, gebruik van andere bouwmaterialen zoals hout en ook import vanuit het buitenland zorgen ervoor dat aan de vraag kan worden voldaan. Met name bij het grove beton- en metselzand wordt het steeds moeilijker om aan de behoefte te voldoen.

De spanning die bestaat tussen enerzijds de maatschappelijke wens om te bouwen en anderzijds de mogelijkheden om ervoor te zorgen dat er voldoende bouwgrondstoffen beschikbaar komen, leidt ertoe dat keuzes moeten worden gemaakt en beleid moet worden ontwikkeld. Daarbij is het van groot belang dat er breed kan worden beschikt over feitelijke kennis over het onderwerp. Deze eerste gedrukte versie van "Bouwgrondstoffen in Nederland" is bedoeld om aan deze wens tegemoet te komen.

Dit boekje geeft een overzicht van de verschillende bouwgrondstoffen, de win ning ervan, het gebruik van secundaire en vernieuwbare grondstoffen en de verschillende toepassingsgebieden.

Deze publicatie is tot stand gekomen mede dankzij de welwillende medewerking van de producenten en gebruikers van bouwgrondstoffen en van betrokken overheden. Niet altijd vindt men het wenselijk om gegevens te verstrekken en het is niet altijd gemakkelijk ze in de gewenste vorm te gieten. Daarom past een woord van dank aan degenen die direct of indirect aan dit boekje hebben bijgedragen. Ik verwacht dat de opsteller van dit boekje, de Dienst Weg- en Waterbouwkunde van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, over enige tijd de gegevens zal willen actualiseren. Ik hoop dat de DWW daarvoor wederom brede medewerking zal krijgen.

Deze publicatie is gemaakt voor allen die op de een of andere wijze met de bouwgrondstoffenvoorziening in aanraking komen, van bestuurder tot actiegroep, van beleidsmaker tot bouwbedrijfsleven. Ik hoop van harte dat dit boekje u kan voorzien van de nodige nuttige informatie en dat het kan bijdragen aan een breed gedragen beleid voor een duurzame bouwgrondstoffenvoorziening in Nederland.

De Directeur-Generaal Water
ir. L H. Keijts

naar boven