Tracéwet

In de Nederlandse wetgeving ligt vast wat er allemaal moet gebeuren voordat er een weg wordt aangelegd of verbreed. Daarom kan Rijkswaterstaat pas in actie komen, als de ‘Tracéwet-procedure’, zoals deze officieel heet, doorlopen is.

De Tracéwetprocedure kent twee procedures: 
-  een uitgebreide procedure voor de aanleg van nieuwe hoofdwegen
-  een verkorte procedure voor aanpassingen van bestaande wegen

Bij de uitgebreide Tracéwetprocedure is op vier momenten inspraak mogelijk: bij de Startnotitie, de Trajectnota/MER, het Ontwerp-tracébesluit en het Tracébesluit. Bij de verkorte Tracéwetprocedure is kan alleen gereageerd worden op het Ontwerp-tracebesluit en het Tracébesluit.

  • Stap 1: Startnotitie

    De Startnotitie zet alle achtergronden en uitgangspunten op een rij van projecten als de aanleg of verbreding van een weg, een viaduct, een brug. Het geeft mogelijke oplossingen voor het bestaande (verkeers)probleem. In de Startnotitie staat ook welke milieueffecten er onderzocht gaan worden in de Milieueffectrapportage (MER). Dit zijn de effecten op het milieu op het gebied van geluid, luchtkwaliteit, natuur, landschap, bodem en water van de directe omgeving.

    naar boven
  • Stap 2: Inspraak en advies

    De startnotitie is meestal zes weken lang in te zien op de website van het Centrum Publieksparticipatie in gemeentehuizen en bibliotheken. In deze periode houdt Rijkswaterstaat informatiebijeenkomsten voor betrokkenen om de notitie toe te lichten. Wie wil, kan een inspraakreactie op de startnotitie geven. De reacties gaan naar de Commissie MER, waar onafhankelijke milieudeskundigen lid van zijn. Hun adviezen en de inspraakreacties vormen de basis voor de Trajectnota/MER.

    Bij de projecten die onder de spoedaanpak vallen, wordt de verkorte Tracéwetprocedure gevolgd. In deze verkorte procedure, die alleen geldt voor een oplossing op een bestaand tracé, worden geen Startnotitie, Trajectnota en evaluatie gemaakt. Ook de daarmee verbonden inspraakronden vervallen.

    naar boven
  • Stap 3: Trajectnota/MER

    In de Trajectnota/MER staat een analyse van huidige en toekomstige problemen en de mogelijke oplossingen daarvoor. De nota zet per oplossing de gevolgen uiteen, onder meer voor het verkeer en het milieu.  In de verkorte Tracéwetprocedure wordt geen Trajectnota opgesteld. Daarnaast gelden minder uitgebreide lucht- en geluidsonderzoeken en een Milieueffectrapportage. Hierdoor wordt de besluitvormingsprocedure versneld.

    naar boven
  • Stap 4: Inspraak, advies en toetsing

    De Trajectnota/MER is minimaal zes weken in te zien op de website van het Centrum Publieksparticipatie, in gemeentehuizen en bibliotheken om het publiek de kans te geven hierop te reageren. In deze periode kunnen betrokkenen naar speciale bijeenkomsten van Rijkswaterstaat komen om uitleg over de nota te krijgen.

    Deze inspraakronde maakt duidelijk of de milieu-informatie in de Trajectnota correct en volledig genoeg is om een besluit te kunnen nemen. Het publiek kan dan de eigen voorkeur voor een oplossing aangeven. Ook brengen de besturen van betrokken gemeenten, provincies en waterschappen advies uit over de nota. Na de inspraakronde kijkt de Commissie MER of de milieu-informatie in de Trajectnota wel volledig en juist is en brengt hierover advies uit. 

    naar boven
  • Stap 5: Standpunt

    De minister van Infrastructuur en Milieu bepaalt in wat hij / zij de beste oplossing voor het probleem vindt. Dat heet het standpunt van de minister. Daarbij wordt rekening gehouden met de informatie uit de Trajectnota/MER, de inspraakreacties en de diverse adviezen. 

    naar boven
  • Stap 6: Ontwerp-tracébesluit

    Het standpunt wordt verder uitgewerkt in het Ontwerp-tracébesluit. Betrokkenen kunnen hier weer schriftelijk of mondeling op reageren. 

    naar boven
  • Stap 7: Tracébesluit

    Binnen 5 maanden nadat het Ontwerp-tracébesluit was in te zien, neemt de minister van Infrastructuur en Milieu het definitieve Tracébesluit. Daarbij wordt rekening gehouden met de reacties op het Ontwerp-tracébesluit.
    Belanghebbenden die hebben gereageerd kunnen tegen dit besluit in beroep gaan bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Is het Tracébesluit eenmaal onherroepelijk, dan moeten de betrokken provincie en gemeentes ervoor zorgen dat de gekozen oplossing in het gebied wordt ingepast door het bestemmingsplan aan te passen en bijvoorbeeld de benodigde vergunningen te verlenen. 

    naar boven
  • Stap 8: Realisatie

    Het Tracébesluit voor het project is genomen. Alle procedures zijn doorlopen en de financiële middelen zijn beschikbaar. De werkzaamheden kunnen beginnen. 

    naar boven
  • Stap 9: Evaluatie

    De minister vergelijkt de milieugevolgen die optreden na de uitvoering van het project met de gevolgen die in de Trajectnota/MER voorzien waren. In een evaluatieprogramma komt te staan hoe en wanneer er aanvullend onderzoek gedaan moet worden naar de effecten op het milieu. Als die effecten ernstiger zijn dan verwacht, kunnen maatregelen genomen worden. 

    naar boven